In de jaren 1918-1920 was er sprake van een wereldwijde epidemie die vele slachtoffers maakte. Vooral jongvolwassenen werden getroffen door hoge koorts, hoesten, spierpijn en keelpijn. Dit leidde vaak tot uitputting waardoor eten en drinken onmogelijk werd. De ziekte verliep snel; al binnen enkele dagen konden mensen overlijden.
Verschillende nieuwberichten uit onze krantencollectie geven een duidelijk beeld van het verloop van deze ziekte wereldwijd, maar het maakt ook vooral de impact in de Veluwse gemeenten duidelijk.

In juli lijkt er in Nederland nog niet zoveel aan de hand, maar worden toch de eerste berichten geschreven. Op 6 juli 1918 bericht de Harderwijker: “De geheimzinnige ziekte, die men nu Spaansche griep begint te noemen, breidt zich in Duitschland voortdurend uit. Naar schatting lijden in Groot-Berlijn 80.000 kinderen aan de ziekte en het aantal volwassen lijders is zeker niet geringer. De geneesheren denken, dat de ziekte weldra haar hoogtepunt zal hebben bereikt. In de meeste gevallen heeft zij een zachtaardig verloop, sterfgevallen schijnen nog niet voorgekomen te zijn.”

Op 13 juli plaatst dezelfde krant een “tweetal welbekende en hoogst nuttige wenken, in het belang der volksgezondheid” van de Centrale Gezondheidsraad: “Laat bij dag en nacht steeds zooveel mogelijk, overal, versche lucht in uwe woning toe.” Daarnaast wordt dringend geadviseerd om geen stof op te jagen: “Het meest afdoende is ongetwijfeld het gebruikt van een stofzuigtoestel als men daar de beschikking over heeft, of krijgen kan.” Zo niet, dat wordt geadviseerd gebruik te maken van vochtige dweilen en doeken.

In dezelfde krant staat ook de eerste advertentie voor Abdijsiroop. Het ziekteverloop dat hier geschetst wordt is een stuk dreigender (zie afbeelding): “Nog pas kort geleden heeft de Spaansche griep haar intrede in ons land gedaan en reeds heeft zij met reusachtige snelheid om zich heen gegrepen en tallooze slachtoffers gemaakt ... Niet zelden ontstaan dan ontstekingen der luchtwegen met de daaraan verbonden gevaren voor longontsteking. Hoeveel jonge levens werden hier niet door afgesneden. Geneest uw hoest; zorgt niet verkouden te worden! Koop vandaag nog een flesch Abdijsiroop.” Deze advertentie zal de hele pandemieperiode in de kranten verschijnen.

In september verschijnt het eerste bericht  van een school die sluit in Harderwijk, vanwege 21 gevallen van de Spaanse griep. Vele scholen en ook bedrijven zullen volgen. De daarop volgende maanden breidt de epidemie zich verder uit en worden er steeds meer sterfgevallen gemeld. Op 2 november 1918 verschijnt in het Nunspeets Nieuws- en Advertentieblad het volgende berichtje over Doornspijk: “Ook hier breidt de Spaansche griep zich meer en meer uit. Geheele gezinnen zijn aangetast. Ook de Chr. Nat. School (hoofd den heer A. v.d. Pol) is geheel ontvolkt. Had ze eerst nog al een goedaardig karakter, thans komen er enkele sterfgevallen voor.”

In november vindt de piek plaats, zo blijkt uit sterftecijfers die begin 1919 worden gepubliceerd. Tussen haakjes staat het aantal Spaanse griepgevallen, de andere getallen zijn het totaal aantal sterfgevallen, waar dus ook andere doodsoorzaken in zijn meegenomen. Apeldoorn 134 (61), Doornspijk 27 (24), Harderwijk 151 (77), Hattem 24 (1), Heerde 28 (12), Nijkerk 48 (36), Oldebroek 58 (50), Zutphen 43 (16), Coevorden 51 (19), Hoogeveen 76 (45). Het illustreert de enorme impact die de ziekte had op de Veluwse samenleving.